Top

De Gezichtloze

Zoek mijn aangezicht

“9 december 2016 – Ik loop met Merel Visse naar de tentoonstelling toe in een zaal van het museum De Valkhof in Nijmegen. We lopen de zaal in die volhangt met hele kleine portretjes, kleurrijk, klein en vaag. We lopen erlangs en bij sommige blijven we langer staan kijken. De vage gezichten met herkenbare ogen staren ons aan.
In een hoek van de zaal is een hoekje afgeschermd met panelen met een paar krukjes en daar draait een videofilm. In de documentaire zie je delen van de bewoner – de handen, de benen, schoenen, haar – je  hoort de stem van de bewoners en van Henk Hage, maar nooit  zie je een gezicht.  Bij de filmfragmenten staan afwisselend de teksten: de gezichtloze, de woordeloze, de dakloze, de hopeloze, de thuisloze … kippenvel”.

Bewaakte portretten

Kunstenaar Henk Hage (1950) heeft het afgelopen jaar 2016 hij gewerkt aan een serie van 88 portretten van bewoners van de long-stay-afdeling van de Pompestichting. Een jaar lang werkte de kunstenaar in de kliniek in Zeeland (Noord-Brabant). Ze kwamen een voor een voor hem poseren. De ene wilde graag, de ander liever niet.  De portretten zijn meer dan alleen een weergave van de buitenkant.
Henk Hage tekende de verhalen die hij hoorde tijdens het schilderen op in een blog. Bij deze tentoonstelling “Bewaakte portretten” in Museum Het Valkhof is een boek verschenen. In dit boek staat een gedicht van Huub Oosterhuis getiteld ” Delf mijn gezicht op” dat de aanleiding vormde van het hele project van de portretjes.

Delf mijn gezicht op

Delf mijn gezicht op, maak mij mooi.
Wie mij ontmaskert, zal mij vinden.
Ik heb gezichten, meer dan twee,
ogen die tasten in den blinde,
harten aan angst voor angst ten prooi.
Delf mijn gezicht op, maak mij mooi.

Delf mijn gezicht op, maak mij mooi.
Wie wordt ontmaskerd, wordt gevonden
en zal zichzelf opnieuw verstaan,
en leven, bloot en onomwonden,
aan niets en niemand meer ten prooi.
Delf mijn gezicht op, maak mij mooi.

Huub Oosterhuis 1)Huub Oosterhuis, 1973. Verzameld Liedboek. Kok / Halewijn. CD Laat mij maar zingen

Zoek mijn aangezicht

Het schilderen en praten met de mensen  door Hage ervoer ik als een vorm van omzien naar, luisteren naar, iemand horen, iemand zien, letterlijk. Bijna een soort van zorgen voor.

Hij liet iedereen kiezen uit blanco schilders doeken die aan een muur hingen. Dit voelde als een klein gebaar van autonomie; ‘ jij kiest’ heeft iets onbeduidends maar werd  in deze context heel betekenisvol. Er kon en ‘mocht” bijna niets binnen de muren van de tbs-kliniek, geen herkenbare gezichten schilderen, geen namen noemen, geen foto’s maken. Hage toonde respect voor ieder bewoner door hen de keuze te geven van het blanco schilderdoek. Hij had elk schilderijtje genummerd en voorzien van een teken van de dierenriem. Vooral voor zijn eigen ordening later als hij nog een keer terug moest komen om iemand af te schilderen. Maar dit werd in die anonieme omgeving een heel klein teken van iets persoonlijks.

Kwetsbaarheid

De schilderijtjes zijn stuk voor stuk kleurrijk. Hage geeft kleur en vorm aan de emoties en gevoelens die bij hem opkomen bij het kijken en luisteren naar de bewoners. Hij vertaalt zijn gevoel in kleur. Je ziet vooral de ogen op de schilderijtjes, de rest is vaag en vol met lijnen en kleur. Maar wat meteen opvalt is dat niemand lacht op de schilderijtjes. De mensen op de schilderijtjes, hoewel onherkenbaar, ogen kwetsbaar in hun eenvoud, in hun vaagheid in lijn en kleur gebruik. Je vraagt je wel naderhand af: heeft iedereen in het gewone leven dan vaak een masker op?, zoveel lachende gezichten op foto’s, op tv, in de krant?

De documentaire die we daar zagen maakte een diepe indruk, nog meer dan de portretjes zelf. Het kleurde de context van  de portretjes in en gaf er betekenis aan.

Door de context van een portret – mensen in een tbs-kliniek – erbij te betrekken, kijk je anders naar een portret. Je ziet iets anders, je voelt iets anders. Het verhaal van het schilderij wordt anders. Los van de context kijk je vaak vooral met je verstand naar een schilderij: wat is het kleurgebruik (donker licht), objecten van mens dier natuur, andere voorwerpen, licht gebruik, schaduwen, kortom, naar schilder technieken. Maar aan het einde van de dag gaat het er toch vooral om wat je bijblijft bij het zien van een schilderij, wat je raakt?

Waardigheid

Hage liet de mensen praten als ze dat wilden en sommigen vertelden honderduit over van alles, maar vooral over iets wat hen bewoog. Soms stelde hij een vraag over het verhaal maar hij liet hen vooral vertellen of er bleef een stilte met alleen het geluid van het kraken van de stoel, het verzitten met krss-geluiden van de stof van een broek, de kwast, verf en het krassen op papier van het palet mes.
Iemand rolde een shagje en draaide ongemakkelijk op z’n stoel, een ander declameerde Bijbelteksten. Mensen behielden hun waardigheid 2)Leget,C. 2012) Analysing dignety: a perspective from the ethics of care. Medicine, Health Care and Philosophy. A European Journal. ISSN 1386-7423 DOI 10.1007/s11019-012-9427-3. Het was goed wat ze ook deden of zeiden, dat ademden de schildersessies uit.

In een 24/7 bewaakte omgeving waar je toch een beetje als verstotene uit de samenleving heel lang verblijft, hoe kun je dan je persoonlijke waardigheid in tact houden? Het voelde of Hage deze mensen een beetje waardigheid teruggaf door naar hen te kijken en naar hen te luisteren en te schilderen.

Mensen in de long-stay zijn buiten de maatschappij geplaatst omdat ze een gevaar zijn voor de samenleving, dat is het idee. Zij mogen niet meer meedoen met de rest van de samenleving. Dit is een politieke keuze die wij als samenleving maken.

Maar hoe behoud je je waardigheid als mens ook op die plek buiten het zicht van de samenleving? Buiten je familie vrienden collega’s, kortom buiten je sociale netwerk? Een bewoner vertelde dat er maar weinig mensen bezoek kregen op de afdeling, de meesten nauwelijks of helemaal niet. Maar de vrijwilligers van de kliniek waren er gelukkig wel altijd en zij maakten het gezellig. Het hoorde aan als: hierdoor zijn we weer mens onder de mensen, mens in relatie met anderen.

Je hoopt dat bewakers of verzorgers in de kliniek ook oog hebben voor meer dan de lichamelijk kant van de zorg – zoals voldoende eten, drinken, kleding, medicatie – en ook oog hebben voor iemands psychische en sociale zorgen of vragen. Want dat is toch ook  zorgen voor?

“We verlieten de tentoonstelling en hielden de andere exposities over heel andere onderwerpen voor gezien. Wat een indruk maakt dit, dit raakt je diep … er kon even niets anders meer bij ”.  Truus Teunissen

Kun je als zwaar bewaakt mens 24/7 onder toezicht en zorg eigenlijk nog wel iets betekenen voor anderen, vraag je je af. Een bewoner vertelde dat hij op proefverlof was en er een inbreker in huis kwam toen ze sliepen; hij, z’n vriendin en de kinderen van haar. Hij heeft toen de inbreker van de trap  gegooid. Daar heeft hij later problemen mee gekregen, hij was wel een tbs’er natuurlijk. Maar hij probeerde goed te zorgen, vertelde hij, als een soort vader voor de kinderen van zijn vriendin, door het gevaar letterlijk weg te meppen. Hij probeerde zijn sociale waardigheid als partner en als stiefvader vorm te geven, leek het.

Een andere bewoner vertelde dat hij een al een paar jaar bevriend was met iemand van de staf/leiding. Hij was daar blij mee en verwachte ook dat die vriendschap bleef ook na de tbs-periode. Een bewoner is naast dader ook iemand als broer, als buurman, als zoon of als vriend. Je hoopt maar van harte dat dit vertrouwen dat deze bewoner heeft in die vriendschap waarheid wordt en hij tot de groep van vrienden van het staflid kan behoren.

Sommige bewoners vertelden dat ze zich alleen nog maar veilig en geborgen voelden binnen de tbs-kliniek. Ze wilden niet meer buiten in de maatschappij leven. De maatschappij voelde voor hen hard en vijandig aan. Daar werden ze bekeken alleen als dader. Het sociale netwerk binnen de kliniek, de 24/7 zorg voor hen gaf hen gevoel van bescherming tegen die harde buitenwereld.

Tekst: Truus Teunissen

Dr. Truus Teunissen Dr. Truus Teunissen
is ervaringsdeskundige met meer dan 1 ziekte. Haar promotieonderzoek naar patiëntenparticipatie aan de VU Amsterdam resulteerde in een Criteriawaaier, die houvast biedt bij de inbreng van het patiëntenperspectief als PGO. Ze is zelf als adviseur patiëntenparticipatie & zeggenschap verbonden aan het Longfonds en als gastonderzoeker aan de VUmc Metamedica. Ze maakt kunst (beelden) rondom het thema kwetsbaarheid en kracht.

Referenties   [ + ]

, , ,

Nog geen reactie. Wees de eerste!

Geef een reactie